Vanuit zijn 30-jarige loopervaring weet hij dat functionele kleding erg prettig loopt. Een goede bescherming tegen weersinvloeden, een goede warmte en vochtregulatie zijn erg belangrijk.En vanuit zijn winkel RunningpOint weet hij ook te vertellen over allerlei accessoires zoals brillen, horloges, sportvoeding en hartslagmeters. Maar een goede hardloopschoen komt op de eerste plaats. Dit vanwege de zware belasting voor het lichaam en daarom om te voorkomen dat blessures optreden. Vandaar dat Michel begint over: HARDLOOPSCHOENEN
Door het hardlopen op de juiste loopschoenen is de kans op het krijgen van het nodige Loopplezier maximaal en van de onnodige overbelastingsblessure minimaal. De juiste loopschoenen passen bij jouw gewicht, hebben een prima pasvorm en passen bij jouw looppatroon: dempen op die plaatsen waar ze bij jou moeten dempen en steunen en/of sturen op die plaatsen waar ze dat bij jou moeten doen. Om in het bezit van die loopschoenen te komen, is het vereist dat de loopschoenenspecialist een looppatroon-analyse maakt en dat hij beschikt over een ruim assortiment van de beste loopschoenen.
Bij het eerste contact van de voet op de grond, de landingsfase, is er sprake van een aanzienlijke slagbelasting: de voet komt uit de zwaaifase in één klap op de grond terecht. Er werkt dan een kracht van circa 2 maal het eigen lichaamsgewicht in op de voet en tijdens het volledige contact van de voet op de grond, de steunfase, is de belasting toegenomen tot circa 3 maal het eigen lichaamsgewicht en die werkt nog door in de daarop volgende afzetfase.
Het lichaam kan die krachten alleen maar de baas blijven als er, buiten een zo goed mogelijke schokdemping, ook voor wordt zorggedragen dat de voeten tijdens de landingsfase, de steunfase en de afzetfase (waaruit de voetafwikkeling tijdens het hardlopen bestaat) niet teveel naar binnen of naar buiten doorbuigen. Dat doorbuigen kan tot stand komen doordat de loopschoenen onder de zware belasting inzakken, ‘te slap’ zijn, of dat de enkelgewrichten door de zware belasting teveel doorbuigen. De enkelbanden zijn dan te flexibel en de loopschoenen corrigeren de voetafwikkeling niet voldoende. Het teveel naar binnen doorbuigen van het enkelgewricht, noemen we over-pronatie en het teveel naar buiten doorbuigen, noemen we onder-pronatie.
Pronatie is prima. De voet landt met de buitenzijde op de grond (landingsfase) en om goed in de steunfase te kunnen komen, beweegt de voet zich naar binnen (pronatie). Door deze beweging ontspannen de voet- en enkelspieren en treedt er een natuurlijke schokdemping op. Als er sprake is van teveel pronatie, wordt de kans op het oplopen van vervelende overbelastingsblessures (sterk) vergroot.
De overbelastingsblessures die dan kunnen optreden, zijn veelal achillespeesblessures, shinsplints (scheenbeenblessures), knieklachten, liesklachten, heupklachten en rugklachten. Het onderbeen werkt als een soort hefboom: elke millimeter afwijking wordt door die hefboom naar beneden en naar boven verveelvoudigd. Hoe langer de hefboom is, hoe groter de krachten zijn die vrijkomen. Het is geen wonder dat de meeste loopblessures voorkomen aan de knie: op die plek is de kracht die de onderbeen-hefboom ontwikkelt, het grootst. Overbelastingsblessures zijn te voorkomen door het gebruik van de voor jouw looppatroon juiste loopschoenen, echter altijd in combinatie met de juiste trainingsopbouw. Het Loopplezier zal hierdoor verder toenemen. Om de juiste loopschoenen aan jouw voeten te krijgen, maakt de loopspecialist (=m/v) een looppatroon-analyse.
Looppatroon-analyse
De loopspecialist zal je eerst de nodige vragen stellen. Waar ga je de schoenen voor gebruiken? Hoe vaak train je? Waarom train je (afvallen, gewichtscontrole, recreatie, prestatie)? Hoe zwaar ben je? Waar train je? Heb je de laatste tijd een loopblessure gehad? Eventueel wordt er gekeken wat voor voettype je hebt: holvoet, platvoet, (knik)platvoet, normale voet. Dit is om een eerste indruk van je te verkrijgen.
Als je oude loopschoenen bij je hebt, worden die onderzocht op slijtage, slijtplekken, drukpunten en scheefstand. Zo’n paar gebruikte loopschoenen dient als een soort dagboek. Dat geeft de specialist al een aardig inzicht in je looppatroon. Voor beginnende hardlopers gaat dit (nog) niet op, maar voor hen geeft dat niet. Je loopt een stukje hard op door de loopspecialist uitgekozen loopschoenen en hij beoordeelt je looppatroon. Elke specialist doet de analyse van het looppatroon op zijn eigen manier. Als hij voldoende relevante informatie verzameld heeft, zal hij loopschoenen kiezen die volgens hem het beste bij jou passen.
De juiste loopschoenen
Dat zijn loopschoenen met de vereiste schokdemping, passend bij het gewicht van de loper en eventueel voorzien van de benodigde steun- en/of sturingselementen, die waar dat nodig is, de voetafwikkeling corrigeren. De loopspecialist kan kiezen uit heel veel verschillende soorten loopschoenen met allerlei verschillende dempingssystemen, steun- en/of sturingselementen. Op de loopschoenen die je aangereikt krijgt, ga je weer een stukje hardlopen.
Vervolgens wordt weer gekeken hoe de voetafwikkeling plaatsvindt. Indien nodig wordt dit met andere loopschoenen nog eens herhaald, net zolang totdat ‘de juiste loopschoenen aan de juiste voeten zit’. De kans op het krijgen van vervelende overbelastingsblessures wordt hierdoor zo klein mogelijk en die op Loopplezier zo groot mogelijk.
Voor lopers met probleemvoeten kunnen stevigere inlegzolen in de loopschoenen de oplossing zijn als de standaard-voorzieningen aan de loopschoenen niet voldoende blijken te zijn. Die aparte inlegzolen dienen als het ware als een individueel steunelement in de loopschoenen. Ook kunnen er sturingselementen in de loopschoenen gelegd worden (hielwig, voorvoetwig). De juiste loopschoenen moeten er dus voor zorgdragen dat de gehele voetafwikkeling volgens bepaalde criteria verloopt, maar die loopschoenen moeten ook nog eens heel lekker zitten: de pasvorm moet prima zijn.
Pasvorm
Omdat ook een perfecte pasvorm van groot belang is, moet er een keuze gemaakt kunnen worden uit een ruim assortiment loopschoenen, de ene loopschoen ‘zit’ nu eenmaal anders dan de andere loopschoen. De loper zelf kan het beste uitmaken of een loopschoen lekker zit, niet slipt e.d. Maar de deskundige kan hem natuurlijk wel behulpzaam zijn bij de bepaling van de juiste maat, de juiste breedte van de loopschoenen en de juiste vetering. En eventueel kan hij helpen om de loopschoenen aan de voet ‘aan te passen’ door z.g. pasvormbevorderende supplementen in de loopschoenen te leggen (voorvoetsupplement, opvulsupplement, inleghakje, inlegzool met extra voetboogondersteuning).
Als je loopschoenen koopt, wil je dat ze lekker aan je voeten zitten. Niet alleen binnen in de winkel, maar ook buiten als je traint. Je moet altijd zin hebben om die lekkere loopschoentjes aan te trekken… Om daar zo zeker mogelijk van te zijn moet er op een aantal dingen gelet worden:
Tips
- Ten eerste moet je altijd je loopschoenen kiezen uit de modellen die de loopschoenenspecialist uit het brede assortiment voor jou heeft geselecteerd. Let zelf met name op de pasvorm: welke van die loopschoenen zitten het lekkerste? Ga niet af op het uiterlijk van een loopschoen. Je gaat er niet mee naar een feestje, maar je gaat er kilometers op hardlopen.
- Ten tweede is het raadzaam om een beetje ruimte tussen de voorkant van de loopschoenen en de tenen over te houden (teen-overschot). Je voeten zullen wat langer worden omdat ze de klap opvangen die bij de landing optreedt. Er moet uitgegaan worden van minimaal 1 centimeter ruimte tussen de langste teen van de langste voet en de voorkant van de loopschoen. Dit wordt gecontroleerd door, terwijl je staat, met de vingers vóór op de loopschoenen te drukken. Bij twijfel tussen twee maten, moet altijd de grootste gekozen worden.
- Ten derde moeten de loopschoenen de hielen goed vasthouden. Al zitten de loopschoenen verder heerlijk, als ze bij de hiel slippen, is de pasvorm niet goed. Zorg ervoor dat je bij het passen van loopschoenen altijd loopsokken draagt.
- Ten vierde moet de vorm van de leest waarop de loopschoenen gemaakt zijn, overeenstemmen met de vorm van jouw voeten. Let er met name op of de loopschoenen bij de bal van je voet breed genoeg zijn, want daar zullen je voeten zich tijdens het hardlopen wat in de breedte uitzetten, met name in de afzetfase. Loopschoenen die te smal zijn, zullen tijdens het hardlopen pijn gaan doen. Loopschoenen kunnen ook te ruim zijn. De loopschoenen zitten dan wat ‘soppig’ om de voeten heen en zullen daardoor met name in steunfase en afzetfase minder steun geven.
- Ten vijfde moeten de veters altijd goed aangetrokken zijn, zowel om de wreef als om het enkelgewricht, zodat de loopschoenen overal goed om je voeten heen sluiten. Let op, de veters mogen natuurlijk niet gaan knellen. Als je schoenen toch wat slippen of als je extra stevigheid achter in de schoen wilt hebben, steek dan de veters van het voorlaatste gaatje meteen in het laatste gaatje aan dezelfde kant en trek de veters stevig aan. De veters worden dan a.h.w. geborgd (ze blijven vastzitten nog voordat de veters zijn gestrikt en hierdoor zal de schoen steviger om de voet heen sluiten). Vervolgens strik je de veters vast met een dubbele knoop. Eventueel kun je nog wat meer stevigheid aan de schoen geven door de veters kruislings door het lusje aan de overkant te steken. Vervolgens trek je de lusjes strak door aan de veters te trekken. Vervolgens strik je de veters vast met een dubbele knoop.
- Ten zesde moet je altijd een paar ‘proefritjes’ maken. Loop een paar minuten met de loopschoenen door de winkel, zodat je een goede indruk krijgt hoe de pasvorm tijdens het hardlopen is.
Loopspeciaalzaak
Het spreekt voor zich dat hoe ruimer het assortiment aan goede loopschoenen is, des te meer kans je hebt om de juiste loopschoenen aan je voeten te krijgen. En dat assortiment en ook het vereiste specialisme, vind je bij de loopspeciaalzaak.

